Groepswerk en e-portfolio voor het aanleren van rapportagevaardigheden binnen de farmaceutische wetenschappen

feedback & begeleiding
Voorbeeld
Instelling: 
Universiteit Antwerpen

Algemene info

Opleiding: 
Farmaceutische Wetenschappen
Opleidingsonderdeel: 
Academische vaardigheden rond het geneesmiddel
Opleidingsjaar: 
2de bachelor / fase (jaarvak)
Academiejaar: 
2011-2012
Studiepunten: 
4
Contacturen: 
7 contactmomenten
Aantal studenten: 
90
Aantal begeleiders: 
1 à 2

Dit voorbeeld spitst zich toe op een opdracht rond mondeling rapporteren die studenten in de tweede bachelor farmaceutische wetenschappen uitvoeren. Deze opdracht en het bijhorende opleidingsonderdeel maakt deel uit van de leerlijn ‘academische vaardigheden rond het geneesmiddel’. Deze leerlijn heeft als doel studenten rapportagevaardigheden, zoals het schrijven van een tekst en het geven van een presentatie, aan te leren. Deze leerlijn werd uitgezet over de drie bachelorjaren, elk jaar met een ander accent. De leerlijn dient tevens ter voorbereiding van het maken van een bachelor- en masterproef. In 1e bachelor ligt de focus op het wetenschappelijk schrijven, in 2e bachelor op het maken en geven van een presentatie en in 3e bachelor tonen de studenten dat ze de verschillende vaardigheden bezitten.

Van studenten wordt gevraagd rond een farmaceutisch gerelateerd onderwerp verschillende opdrachten uit te werken die op elkaar verder bouwen. Deze opdrachten zijn voornamelijk groepsopdrachten zoals: het schrijven van een wetenschappelijk rapport en het presenteren van dit rapport ondersteund door een degelijke PowerPointpresentatie. Deze producten worden gebundeld in een persoonlijk digitaal portfolio en gepost in een elektronische leeromgeving. Dit digitaal portfolio wordt verder nog aangevuld met logboeken, persoonlijke reflecties op het volledige leerproces en resultaten van peer-evaluaties.

Bij aanvang moeten de studenten beschikken over de competenties die worden verworven tijdens het eerste bachelorjaar, namelijk schriftelijk rapporteren door het opzoeken van wetenschappelijke literatuur en het schrijven van een populair wetenschappelijk artikel.

Doelstellingen

Doelstellingen:

  • De student kan wetenschappelijke literatuur opzoeken, verwerken en integreren in een wetenschappelijk rapport;
  • De student kan een wetenschappelijk rapport mondeling toelichten voor een publiek;
  • De student kan een mondelinge presentatie functioneel visueel ondersteunen met een PowerPointpresentatie;
  • De student kan een digitaal portfolio opmaken;
  • De student kan werken in groepsverband;
  • De student kan de inbreng en producten van medestudenten kritisch beoordelen via peer-evaluatie;
  • De student kan kritisch reflecteren over het eigen leerproces.

Aangeboden leerinhouden

Dit opleidingsonderdeel werkt met opdrachten die betrekking hebben op een farmaceutisch onderwerp. De studenten kiezen een onderwerp uit een lijst.

Werkvormen en leermiddelen

Werkvormen

Studenten vervullen een groepsopdracht waarbij gewerkt wordt in groepen van 4 à 5 studenten. Deze groepen worden gevormd aan het begin van het academiejaar en blijven doorheen het academiejaar dezelfde. De groepen worden gevormd op basis van het farmaceutisch onderwerp waarvoor de studenten intekenen. Studenten die intekenen voor hetzelfde onderwerp, zitten automatisch in dezelfde groep.

De groepsopdracht bestaat uit twee delen :

  • Het schrijven van een wetenschappelijk rapport: het verzamelen van wetenschappelijke informatie over een farmaceutisch gerelateerd onderwerp, waarna de gevonden informatie wordt verwerkt en geïntegreerd in een wetenschappelijk rapport dat per groep wordt ingeleverd;
  • Het geven van een wetenschappelijke presentatie, visueel ondersteund door PowerPoint: de studenten geven een 15-minuten durende mondelinge presentatie waarin ze kort het wetenschappelijk rapport toelichten, ondersteund door een PowerPointpresentatie.

Elke student stelt ook een persoonlijk digitaal portfolio samen binnen de elektronische leeromgeving. In dit digitaal portfolio worden verplichte elementen opgenomen zoals het wetenschappelijk rapport, de PowerPointpresentatie, peer-evaluaties, een curriculum vitae, de eigen bijdrage in het groepsgebeuren van de verschillende deelopdrachten, logboeken en reflecties. Daarnaast bestaat de mogelijkheid om een vrije inbreng te doen. Dit wil zeggen dat studenten reeds verworven (deel)competenties, waarbij ze van mening zijn dat deze bijdragen tot zowel hun academische, professionele als persoonlijke ontwikkeling, mogen opnemen in het digitaal portfolio.

Ondersteuning

Aan de studenten worden 7 begeleidingssessies aangeboden, gespreid over het gehele academiejaar. Tijdens deze sessies worden de studenten begeleid in het maken van de producten die ze aan hun digitaal portfolio moeten toevoegen. Deze begeleidingssessies worden in tweevoud georganiseerd telkens voor een subgroep van 45 studenten. De begeleidingssessies kunnen als volgt getypeerd worden:

  • Twee begeleide opzoeksessies in functie van de inhoud van het wetenschappelijk rapport: voor elk van de twee inhoudelijke deelaspecten van het farmaceutisch onderwerp wordt een begeleide opzoeksessie ingericht. Tijdens deze sessies wordt de basisliteratuur aangeboden ter ondersteuning bij het verzamelen van wetenschappelijke informatie voor het rapport. Er is minstens één begeleider aanwezig om studenten wegwijs te maken in de verschillende handboeken.
  • Twee sessies ter begeleiding en bespreking van het tussentijds resultaat van het wetenschappelijk rapport en opstart van het digitaal portfolio: de richtlijnen rond schriftelijke vaardigheden, die de studenten tijdens de lessen Academische vaardigheden rond het geneesmiddel: schriftelijk rapporteren (1e bachelor) aangeleerd kregen, worden tijdens deze begeleidingssessies opgefrist. Ze krijgen ook de mogelijkheid vragen te stellen met betrekking tot het wetenschappelijk rapport en het digitaal portfolio. Sneuvelversies van hun wetenschappelijk rapport kunnen tijdens deze sessies aan de begeleiders voorgelegd worden. Per sessie zijn één of twee begeleiders aanwezig. Tijdens deze sessies wordt ook in detail aan de studenten uitgelegd op welke manier ze een digitaal portfolio kunnen aanmaken. Eerst wordt een theoretisch voorbeeld klassikaal uitgewerkt; daarna maken de studenten zelf een digitaal portfolio aan. Er wordt aan de studenten meegegeven welke producten zeker in het portfolio aanwezig moeten zijn (het wetenschappelijk rapport, de PowerPointpresentatie, peer-evaluaties, een curriculum vitae, de eigen bijdrage in het groepsgebeuren van de verschillende deelopdrachten, logboeken en reflecties).
  • Drie begeleidingssessies in functie van de (opmaak van de) wetenschappelijke presentatie: in de eerste sessie wordt informatie gegeven over het maken van een PowerPointpresentatie en in een tweede over PowerPointpresentatietechnieken. De derde sessie is een oefenmoment waarbij de studenten een sneuvelversie van hun presentatie aan hun medestudenten en begeleiders presenteren. Samen met de studenten beoordelen de begeleiders of de geprojecteerde slides inhoudelijk (bevat de  nodige informatie) en vorm-technisch (kleur, lay-out, lettertype, achtergrond,...) voldoen. De slides worden door de begeleiders geëvalueerd en door de medestudenten van peer-feedback aan de hand van criteria, voorzien. De studenten verwoorden mondeling wat ze goed vinden aan de slides en waar eventuele verbeteringen mogelijk zijn. Door deze sessie zijn de studenten in staat om, indien nodig, de slides nog aan te passen voor de definitieve presentatie.

Naast deze zeven begeleidingssessies wordt er per groepje studenten een afsluitende feedbacksessie gehouden waarbij het volledige proces en de gemaakte producten worden besproken. De studenten komen per gevormd groepje bij de begeleiders. Tijdens dit gesprek worden zowel het schriftelijke als het mondelinge werk en het groepsproces besproken. Zaken die goed waren worden benoemd, maar ook deze ter verbetering met de bedoeling dat die aandachtspunten worden meegenomen naar de toekomst. Hoewel de scores op de verschillende onderdelen nog niet worden kenbaar gemaakt, hebben de studenten na dit gesprek wel een duidelijk beeld van hoe ze gepresteerd hebben, zowel individueel als in groep.

De digitale leeromgeving biedt ondersteuning aan zowel studenten als docenten.

  • Voor elke groep studenten wordt binnen de digitale leeromgeving een groepspagina aangemaakt zodat alle verzamelde informatie met betrekking tot de opdracht steeds beschikbaar is voor alle groepsleden. Sneuvelversies en de definitieve versie van het wetenschappelijk rapport en de PowerPointpresentatie komen op de groepspagina te staan zodat de begeleiders in staat zijn om het proces mee te volgen.
  • Voor het maken van een digitaal portfolio biedt de digitale leeromgeving verschillende grafische tools om het portfolio te personaliseren. Elke student beschikt over een Content Collection om zijn document te plaatsen. Deze Content Collection kan beschouwd worden als een digitale werk- en verzamelplaats op de server van de universiteit. De Content Collection is persoonlijk (is gelinkt aan het studentennummer), maar studenten kunnen anderen leesrecht geven indien gewenst. Wanneer de algemene lay-out is aangemaakt, kan de student één voor één de verschillende documenten uit zijn Content Collection halen en in het portfolio laden. Het eindresultaat van het digitaal portfolio lijkt op een eenvoudige website.
  • De digitale leeromgeving wordt ook gebruikt voor het uitvoeren van de peer-assessment. Het digitale invuldocument van de peer-assessment wordt via de digitale leeromgeving verstuurd naar de verschillende studenten, samen met een korte handleiding. In het formulier evalueren ze hun eigen bijdrage en die van hun groepsleden aan het groepsproces. Na een week moeten de studenten het ingevulde document opladen via het leerplatform. Dit maakt het mogelijk dat de resultaten digitaal verwerkt worden, wat voor de lesgever zeer veel tijd bespaart.

 

Er wordt per groep ook een online logboek bijgehouden waarin nauwkeurig wordt genoteerd wie, wanneer en waar aan de opdracht gewerkt heeft. Dit heeft als voordeel dat begeleiders gemakkelijk kunnen inschatten welke groepen goed en tijdig aan een opdracht werken en welke eerder een afwachtende houding innemen. Ook de participatie van de verschillende groepsleden kan op de voet gevolgd worden. Indien nodig kunnen groepen en/of studenten tijdig worden aangesproken en/of bijgestuurd. Dit kan mondeling tijdens de ingerichte begeleidingssessies, maar ook via mail.

Leeractiviteiten

De leeractiviteiten voor het opleidingsonderdeel Academische vaardigheden rond het geneesmiddel: mondeling rapporteren in de tweede bachelor farmaceutische wetenschappen zijn:

  • wetenschappelijke literatuur opzoeken, kritisch analyseren, selecteren van relevante informatie, verwerken en integreren in een wetenschappelijk rapport;
  • maken en geven van een mondelinge presentatie ondersteund door een PowerPointpresentatie;
  • geven van feedback op de PowerPointpresentaties van medestudenten;
  • opmaken van een digitaal portfolio;
  • zorgvuldig bijhouden van een logboek;
  • reflecteren over het eigen leerproces;
  • opstellen van een Curriculum Vitae;
  • kritische houding aannemen t.a.v. werk van anderen;
  • kritische houding aannemen t.a.v. de eigen bijdrage aan de groepsopdracht;
  • constructief deelnemen aan het overleg binnen de groep.
Feedback & begeleiding

Tussentijds ontvangen studenten (peer-)feedback op de verschillende deelproducten:

  • Schriftelijk wetenschappelijk rapport: tijdens de begeleidingssessies kunnen studenten feedback vragen over hun wetenschappelijk rapport aan de begeleidende lesgever. Het product wordt dan onmiddellijk, samen met de studenten, bekeken en besproken.
  • Digitaal portfolio: dit wordt in januari tussentijds geëvalueerd. Op dat moment wordt een score toegekend op basis van: lay-out, volledigheid duidelijkheid, correct academisch Nederlands.
    Deze score wordt genoteerd in een puntenlijst, maar niet aan de studenten meegedeeld. De studenten ontvangen wel kwalitatieve feedback op de hierboven beschreven punten. De bedoeling is dat het portfolio wordt aangevuld en eventueel aangepast aansluitend bij de gegeven feedback. Bij de definitieve scoretoekenning op het einde van het academiejaar wordt de tussentijdse beoordeling voor elk van bovenstaande criteria herbekeken. Als studenten gericht met de tussentijdse feedback rekening hebben gehouden en de kwaliteit van het werk duidelijk toegenomen is, wordt de tussentijdse score naar boven toe bijgesteld. In geval ze geen rekening gehouden hebben met de gegeven feedback , wordt de tussentijdse score verlaagd.
  • PowerPointpresentatie: tijdens de proefpresentatie krijgen de studenten peer-feedback van de medestudenten op de kwaliteit van de PowerPointpresentatie. De criteria die studenten hierbij hanteren zijn zowel vormtechnisch (lay-out, kleurengebruik, illustraties,) als inhoudelijk (botanische, medicinale en ethnobotanische aspecten) van aard. Indien nodig wordt dit aangevuld met feedback van de begeleidende lesgever.
  • Mondelinge wetenschappelijke presentatie: tijdens de begeleidingssessies kunnen studenten feedback vragen over hun mondelinge wetenschappelijke presentatie aan de begeleidende lesgever. Het product zal onmiddellijk, samen met de studenten, bekeken en besproken worden.

Aansluitend bij de eindevaluatie wordt een algemene feedbacksessie georganiseerd. Studenten krijgen per groep (waarmee ze de opdrachten hebben uitgevoerd) gedurende 30 minuten feedback over alle producten, processen en het groepsgebeuren. Indien er vragen of opmerkingen zijn, worden die ook op dit moment bekeken. De bedoeling is dat studenten zicht krijgen op de kwaliteit van het resultaat en hun sterktepunten en werkpunten kennen zodat ze daar het volgende academiejaar bewust aan kunnen werken.

Evaluatievorm

De student wordt in het opleidingsonderdeel ‘Academische vaardigheden rond het geneesmiddel: mondeling rapporteren in de tweede bachelor farmaceutische wetenschappen’ geëvalueerd op verschillende producten aan het eind van het tweede semester.

  • schriftelijk wetenschappelijk rapport;
  • mondelinge wetenschappelijke presentatie;
  • PowerPointpresentatie;
  • individueel digitaal portfolio.

Voor elk van deze onderdelen krijgt de student een individuele score. Bij het schriftelijk wetenschappelijk rapport, de mondelinge wetenschappelijke presentatie en de PowerPointpresentatie wordt deze persoonlijke score bekomen door het gezamenlijk (groeps)punt te vermenigvuldigen met de peer-evaluatiefactor. Dit is een correctiefactor die berekend is door de software op basis van de toegekende scores (door zichzelf én de andere groepsleden). Bijvoorbeeld: groepsscore voor het werk 13/20; peer-evaluatiefactor 1,05; dan is de individuele score 13.64/20. De peer-evaluatiefactor is een weging van hoe de student scoort ten opzichte van zijn groepsleden, waarbij 1 = gemiddelde student; >1 = sterke student; <1 = zwakke student.

Op het einde van het academiejaar krijgen de studenten voor de peer-evaluatie een document toegestuurd via de digitale leeromgeving waarin ze zichzelf en hun medestudenten moeten evalueren. Nadat alle evaluaties ingevuld zijn, worden automatisch rapporten gegenereerd en naar de student in kwestie gestuurd. Op deze manier weet de student op welk vlak (welke vlakken) hij/zij goed bezig is en ook waar er bijsturing nodig is.
De punten die in de peer-evaluatie gescoord worden zijn:

  • is actief in heel het groepsgebeuren;
  • is betrouwbaar m.b.t. bijeenkomsten/vergaderingen;
  • houdt zich aan de deadlines voor onderdelen in het werkproces;
  • houdt zich aan de deadlines voor onderdelen in het eindproduct;
  • draagt bij tot het bekomen van ideeën/suggesties binnen de groep;
  • respecteert de mening van ieder groepslid;
  • draagt bij aan de discussies;
  • is op de hoogte van opdracht en rol, en vervult ook die rol;
  • geeft vlot en optimaal input bij de onderdelen in het werkproces.

Voor elk van deze criteria kent de student een score toe van 1 tot 5, waarbij de scores staan voor:
1= sterk onvoldoende (hinder voor de groep)
2=onvoldoende
3= voldoende
4=ruim voldoende
5=uitstekend

Voor het bekomen van de eindscore voor het opleidingsonderdeel worden de verschillende onderdelen in de volgende verhouding genomen:

  • schriftelijk wetenschappelijk rapport 40;
  • mondelinge wetenschappelijke presentatie 20;
  • PowerPointpresentatie 20;
  • individueel digitaal portfolio 20.

Indien op één van de onderdelen een cijfer lager dan 8/20 wordt gehaald, telt dat desbetreffende cijfer als eindresultaat.

Reflectie

Reflectie BV medewerkers:

Interessant voorbeeld met een rijkdom aan werkvormen en begeleidingsvormen. Door peer-assessment enkel op het einde van het academiejaar te voorzien, kunnen studenten geen leerproces doormaken in het evalueren van elkaar, en kunnen ze hun werk niet bijsturen op basis van de peer-evaluatie. Het overwegen van tussentijdse peer-evaluaties verdient daarom aanbeveling.

Reflecties Docent:

+ Het gebruik van de groepspagina's zorgt ervoor dat studenten steeds de informatie van hun groep kunnen raadplegen, waardoor ze, indien gewenst, individueel kunnen verder werken.

 + Het logboek geeft begeleiders een beeld van het groepsgebeuren en ook van de participatie van de verschillende groepsleden.

 + Het invoeren van een digitale peer-evaluatie heeft duidelijk een meerwaarde. Studenten hebben meer privacy, kunnen dit thuis zelfstandig invullen en zijn kritischer en eerlijker.

 + Het gebruik van de digitale leeromgeving bespaart veel papier.

 + Het digitaal portfolio laat toe dat verschillende begeleiders de portfolio's op hetzelfde moment bekijken.

 - Voor sommige studenten is de drempel die ze moeten nemen om van een papieren naar een digitaal portfolio te gaan groot. Om het voor onze studenten gemakkelijker te maken gaan we vanaf academiejaar 2012-2013 gebruik maken van een sjabloon dat door ons wordt aangemaakt.

Type hoger onderwijs: 
universiteit
Studiegebied: 
geneeskunde, gezondheidszorg en revalidatie
Groepsgrootte: 
50 tot 100
Doelstellingen: 
onderzoeksvaardigheden
samenwerken
vaardigheden
Leermiddelen: 
digitale leeromgeving
Werkvormen: 
projectwerk
alternatieve organisatievormen
Evaluatievormen: 
peer & zelfevaluatie
portfolio/logboek
schriftelijk product
Feedback & begeleiding: 
in groep
random